
Ik ging naar Jeruzalem en vond in de tempel de runder- en schapenverkopers, duivenverkopers en geldwisselaars aan het werk. Nadat Ik een zweep van touwen gemaakt had, dreef Ik hen allen met de schapen en runderen uit de tempel; Ik strooide het geld van de wisselaars en omverwierp de tafels. En tegen de duivenverkopers zei Ik: Haal deze dingen hier weg; maakt Mijn Vaders huis niet tot een koopmarkt.
— Johannes 2:13-16