
Kom nu, gij rijken, ween en huild om de ellieden die over u komen. Uw rijkdom is vergaan en uw kleding is door de mot verteerd. Uw goud en zilver is verroest; en hun roest zal getuigen tegen u en als een vuur uw vlees verteren. U hebt schatten vergaard voor de laatste dagen. Zie, het loon van de arbeiders die op uw velden geoogst hebben, dat u hen met bedrog onthouden heeft, roept om wraak.
— Jakobus 5:1-4